(0165) 398 888 info@trivers.nl
Selecteer een pagina

Illustratie hand-in-hand

Wat is depressie?

Over het algemeen is de beschrijving van een depressie dat depressiviteit een vorm van somberheid is die veel langer duurt en meer intens is dan een dipje. Het gaat niet alleen om een rot gevoel, maar een tot in de kern verdrietig en passief gevoel waardoor het niet meer lukt activiteiten te ondernemen en plezier te ervaringen bij dingen die in het verleden wel voor veel plezier zorgden. Meestal duurt dit intens sombere gevoel 2-6 maanden. Daarna zijn mensen vaak nog niet direct helemaal vrolijk, maar lukt het al wel beter taken op te pakken en leuke activiteiten te doen. Ook kinderen kunnen depressief zijn. Van alle kinderen in de preschoolleeftijd wordt het percentage kinderen met depressie geschat op ongeveer 1%, bij kinderen in de basisschoolleeftijd op ongeveer 2% en in de puberteit loopt dit percentage op tot 3%-8%.

Kenmerken

Iemand heeft een depressie wanneer hij of zij gedurende tenminste twee weken minstens één van de volgende kenmerken vertoont:
– Een zeer sombere stemming gedurende het grootste deel van de dag, bijna elke dag
– Een ernstig verlies van interesse in alle of bijna alle activiteiten gedurende het grootste deel van de dag, bijna elke dag
Daarnaast heeft de persoon in kwestie ook last van minstens vijf van de volgende verschijnselen:
– Eetproblemen (heel veel of juist heel weinig eten) en veranderingen in het gewicht
– Slaapproblemen
– Boosheid, geagiteerd en rusteloos zijn of juist geremd
– Vermoeidheid en verlies van energie
– Gevoelens van waardeloosheid of overmatige schuldgevoelens
– Concentratieproblemen, vertraagd denken en besluiteloosheid
– Gedachten aan dood of zelfdoding
– Voelt zich kwetsbaar

Een depressie bij kinderen en jongeren ziet er anders uit en verloopt ook anders dan bij volwassenen. Depressieve kinderen zijn somber, maar kunnen soms toch ook nog even lol maken. Daarom is een depressie bij kinderen en jongeren moeilijker te herkennen en vast te stellen dan bij volwassenen. Ook hoort somberheid en teruggetrokkenheid erbij in de puberteit. Zo nu en dan een dipje is normaal. De hormoonhuishouding verandert nogal in de puberteit, en dat gaat vaak gepaard met humeurigheid. Maar het hoort wel snel voorbij te gaan en als er iets leuks op het programma staat moet het humeur wel weer verbeteren. Als de somberheid langere tijd duurt, is het belangrijk te onderzoeken wat er aan de hand is. Zodra de ouders of leerkrachten op school merken dat het schoolwerk eronder gaat lijden, of dat vriendschappen verwateren of aflopen, moet er aan de bel getrokken worden. Een kind dat spijbelt, veel alleen op de eigen kamer zit, of zijn bed niet meer uitkomt, laat daarmee zien dat er toch wel meer aan de hand is en hulp nodig heeft. Een kind met een depressie kan dezelfde kenmerken vertonen als volwassenen met een depressie, maar somberheid bij kinderen uit zich vaak ook in gedragsproblemen. Met name jongens laten vooral negatief gedrag zien, zoals agressief gedrag, prikkelbaar gedrag en humeurig gedrag. Vaak spelen er ook leerproblemen.

Oorzaken

Er is geen volledige duidelijkheid over de oorzaken van het ontstaan en aanhouden van depressies bij kinderen en jongeren. Men kan nog niet helemaal verklaren waarom de een er wel last van heeft en de ander niet. Natuurlijk is er wel iets over bekend. De onderzoekers denken aan een samenspel van factoren.
– Lichamelijke factoren. Men denkt dat het ontstaan van depressie voor een klein deel door erfelijke factoren wordt bepaald. Met andere woorden: mogelijk zit het voor een deel in de genen. Daarnaast wordt de kwetsbaarheid voor depressie voor een deel veroorzaakt door afwijkingen in de chemische processen in de hersenen en door hormonale oorzaken. Vaak hebben kinderen met depressie ook een teruggetrokken karakter.
– Omgevingsfactoren. Belangrijke gebeurtenissen in het leven van een kind kunnen van invloed zijn, zoals echtscheiding of verlies van ouders, gezinsleden of andere mensen die veel betekenen. Ook ervaringen met geweld en (seksueel) misbruik kunnen belangrijk zijn bij het ontstaan van depressie. Verder kunnen negatieve manieren van omgaan met elkaar in het gezin een rol spelen, evenals negatieve ervaringen in contacten met leeftijdgenoten, bijvoorbeeld langdurig pesten op school.
– Psychische factoren spelen ook een rol. Het gaat dan over een bepaalde manier waarop iemand de wereld om zich heen bekijkt en interpreteert: “iedereen keert zich tegen mij”, “eigenlijk heb ik altijd pech”, “zie je wel, het lijkt wel alsof ik voor het ongeluk geboren ben”. Professionals spreken in dit verband over ‘problemen met de cognitieve informatieverwerking’.

Behandeling

Nadat de diagnose is gesteld, of wanneer in ieder geval duidelijkheid is of er sprake is van een stemmingsstoornis, stelt de behandelaar in overleg met de jeugdige en diens ouders een behandelplan op. Het verloop van dit plan is afhankelijk van de ernst van de depressie. Het kan de volgende punten bevatten:
1. Psycho-educatie. Dit houdt in dat de behandelaar uitlegt wat de kenmerken van een ziekte zijn en hoe het ontstaat en in stand gehouden wordt. De behandelaar vertelt ook hoe de ouders, de gezinsleden en de verdere omgeving het beste met het kind om kunnen gaan en onder welke omstandigheden de ‘ziekte’ verergert. De ouders en de gezinsleden spelen bij de behandeling van het kind een belangrijke rol. De oorzaak van de depressie en de aanverwante stoornissen is vaak een mengeling van erfelijke, lichamelijke en omgevingsfactoren. De omgevingsfactoren zijn vaak het meeste beïnvloedbaar. Daarom zal het verbeteren van de omgevingsfactoren, waaronder omgang in het gezin en familie en benadering op school, een positieve invloed kunnen hebben op het beloop van de klachten en de ontwikkeling van de stoornis.
2. Psychotherapie. Hierbij is cognitieve gedragstherapie een veel gebruikte methode. Cognitieve gedragstherapie is een verzamelnaam voor een groot aantal verwante hulpvormen. Cliënten leren daarbij zich realistische gedachten over de werkelijkheid eigen te maken, in plaats van de gedachten die uitsluitend leiden tot somberheid. Zij leren gevoelens op te roepen over zichzelf en hun omgeving die hen helpen ook de positieve en niet-bedreigende kanten van henzelf en van hun omgeving te zien. Zo leren zij bijvoorbeeld dat er naast de ellende die zij zelf steeds benadrukken, ook positieve en plezierige dingen te beleven zijn. Ook de positieve aspecten van de eigen persoon en van de mensen in de omgeving worden benadrukt en getest, zodat het kind veilig positieve gevoelens kan toelaten. Op deze manier leren jongeren hun stemming te beheersen en zich positiever te gedragen.
3. Medicatie. Wanneer psychotherapie te weinig resultaten oplevert, kan medicatie worden voorgeschreven. Over de effectiviteit daarvan wordt verschillend gedacht. In het algemeen zijn van medicijnen beperkt positieve resultaten te verwachten bij jongeren met een depressie. Men moet altijd waakzaam zijn voor mogelijke bijwerkingen. Behandeling met medicatie dient gecombineerd te worden met psychotherapie. Voor behandeling met medicatie wordt doorverwezen naar de huisarts, kinderarts dan wel –neuroloog, of kinderpsychiater.

Stemmingsstoornissen kunnen niet altijd poliklinisch worden behandeld. Met name neiging tot zelfdoding of het veelvuldig daaraan denken (suïcidaliteit) kan een reden zijn voor (al dan niet vrijwillige) opname in een kliniek.

Contact opnemen

Hoe wij omgaan met je persoonsgegevens kun je lezen in ons Privacy beleid