(0165) 398 888 info@trivers.nl

Illustratie hand-in-hand

Waarom kiezen wij voor een protocol informatieverstrekking?

Alle ouders hebben in principe recht op informatie over hun kind. Dit is ons uitgangspunt. Er zijn echter wel verschillen. Bepaalde aspecten zorgen ervoor dat de ene ouder meer recht heeft op informatie dan de andere. Hierbij spelen onder andere gezag, omgangsregeling en belangen van betrokkenen een rol. Om de informatieverstrekking vanuit Trivers in goede banen te leiden en onze taken zorgvuldig uit te voeren, kiezen wij voor een protocol informatieverstrekking. In dit protocol staat allereerst beschreven wat gezag is en welke verschillende vormen van gezag er bestaan. Vervolgens komt aan de orde in welke situaties ouders recht hebben op alle informatie, beperkte informatie of geen informatie over hun kind, vanuit Trivers.

Achtergrondinformatie

Wat is gezag?

In Nederland staat iedereen onder de achttien jaar volgens de wet onder gezag. Iemand is
bevoegd om gezag uit te oefenen als hij/zij achttien jaar of ouder is en niet onder curatele staat
of aan een geestelijke stoornis lijdt. Gezag wordt in de regel uitgeoefend door één ouder of
beide ouders. Daarnaast bestaat er als gezagsmogelijkheid de voogdijvoorziening. Voogdij
wordt uitgeoefend door derden, in het geval dat ouders om wat voor reden dan ook niet in staat
zijn om zelf gezag uit te oefenen (zie hierna onder paragraaf 2.2 en verder). Gezag eindigt
automatisch als het kind 18 jaar wordt of als het kind voor het bereiken van die leeftijd trouwt.
Ouders/voogden, of zij nu gezag/voogdij uitoefenen of niet, blijven onderhoudsplichtig totdat het
kind 21 jaar wordt. In dit protocol wordt gemakshalve over gezag gesproken, maar het omvat
dus ook het begrip voogdij.
Iemand die gezag over een kind heeft, is verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van
het kind. Hij/zij moet onder andere zorgen voor onderdak, voeding, kleding, onderwijs en
medische behandeling. Tevens is diegene de wettelijk vertegenwoordiger van het kind, wat
inhoudt dat hij/zij voor of namens het kind officiële handelingen verricht zoals het zetten van een
handtekening of het voeren van een gerechtelijke procedure. De wettelijk vertegenwoordiger is
vaak ook wettelijk aansprakelijk voor het doen en laten van het kind. Daarnaast beheert degene
die het gezag uitoefent het vermogen (geld en goed) van het kind en is diegene onderhoudsplichtig.
Vanaf 1 mei 2007 worden alle verzoeken betreffende het gezag, de voogdij of een
omgangsregeling behandeld door de rechtbank (sector civiel). In alle gevallen gaat de rechter
bij zijn beslissing uit van het belang van het kind (het is bijvoorbeeld belangrijk dat een kind kan
opgroeien in een veilige en vertrouwde omgeving).
Er wordt onderscheid gemaakt tussen ouderlijk gezag, gezamenlijk gezag en (gezamenlijke)
voogdij.

Ouderlijk gezag

Ouderlijk gezag is gezag dat wordt uitgeoefend door twee ouders of door één ouder. Bij twee
ouders heet dit gezamenlijk ouderlijk gezag. De ouders kunnen gehuwd zijn, een geregistreerd
partnerschap hebben of ongehuwd zijn.
Ouders die gehuwd zijn, hebben automatisch samen het ouderlijk gezag over de kinderen die
binnen het huwelijk worden geboren. Als ouders na de geboorte van het kind in het huwelijk
treden, ontstaat ook automatisch het gezamenlijk ouderlijk gezag, mits de man het kind heeft
erkend.
Ouders die een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan, hebben ook automatisch samen
het ouderlijk gezag over de kinderen die binnen het partnerschap worden geboren. Voorwaarde
is wel dat de mannelijke partner het kind heeft erkend.

Na een scheiding blijven de ouders het gezamenlijk gezag uitoefenen, tenzij aan één van hen
het gezag is ontnomen door de rechter. Dit betekent niet dat zij daadwerkelijk samen voor het
kind moeten blijven zorgen. Vaak zal één van de ouders dit doen. Wel moeten zij dan
belangrijke beslissingen over het kind samen nemen.
Een ongehuwde moeder krijgt automatisch het gezag over haar kind, direct vanaf de geboorte,
mits ze bevoegd is om gezag uit te oefenen. Ouders die niet met elkaar getrouwd zijn of een
geregistreerd partnerschap zijn aangegaan, kunnen samen het gezag uitoefenen. Zij moeten
hiervoor een verzoek indienen bij de griffier van de rechtbank.

Gezamenlijk gezag
Gezamenlijk gezag kan worden uitgeoefend door een ouder en een niet-ouder. Dit kan
bijvoorbeeld de partner zijn waarmee de ouder samen het kind verzorgt en opvoedt. Het kan
hierbij gaan om de moeder en haar vriend, de moeder en haar vriendin, de vader en zijn
vriendin of de vader en zijn vriend. Gezamenlijk gezag door een ouder en een niet-ouder is
gelijkwaardig aan (gezamenlijk) ouderlijk gezag. Dit houdt in dat het gezag van de niet-ouder
even zwaar weegt als het gezag van de ouder. Ze hebben dezelfde gezagsrechten en -plichten.
Om gezamenlijk gezag te kunnen uitoefenen, dient een verzoek bij de griffier van de rechtbank
te worden ingediend.

Voogdij
Bij voogdij wordt het gezag niet door de ouders van het kind uitgeoefend, maar door iemand
anders, een voogd. Een voogd kan samen met zijn of haar partner (van gelijk of van
verschillend geslacht) de voogdij uitoefenen. Dit wordt gezamenlijke voogdij genoemd. Ze
hebben dan vrijwel dezelfde rechten en plichten als in het geval van gezamenlijk gezag. De
rechter benoemt een voogd. Ook een Bureau Jeugdzorg kan tot voogd worden benoemd.
De uitvoering van een voogdij kan ook door een Bureau jeugdzorg worden gemandateerd).
Een voogd wordt benoemd als beide ouders van het kind overleden zijn, als de ouders
onbevoegd zijn tot gezag (bijvoorbeeld in het geval van een minderjarige moeder), als de
ouders ontheven zijn van het gezag of ontzet zijn uit het gezag, als beide ouders onder curatele
staan of als het gaat om een alleenstaande minderjarige asielzoeker (AMA).
Een voogd is verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van het kind. In het geval van
één voogd hoeft hij of zij dit niet zelf te doen. Het kind kan bijvoorbeeld in een tehuis of in een
pleeggezin verblijven. Ook hoeft de betreffende voogd niet zelf het levensonderhoud van het
kind te betalen. De voogd is wel wettelijk vertegenwoordiger van het kind en beheert het
vermogen (geld en goed) van het kind. Gezamenlijke voogden hebben wél de plicht zelf het
kind te verzorgen en op te voeden. Zij zijn ook zelf onderhoudsplichtig, zijn beiden wettelijk
vertegenwoordiger en beheren beiden het vermogen van het kind.
Voogdij eindigt als het kind 18 jaar of ouder wordt of eerder trouwt. De voogdij kan ook stoppen
op verzoek van één of beide voogden of omdat één of beide ouders het gezag weer
terugkrijgen.

Ondertoezichtstelling
Ondertoezichtstelling (OTS) is een gezagsbeperkende maatregel. De ouders houden het gezag
over hun kinderen, maar het gezag wordt (tijdelijk) wel beperkt. Het doel van OTS is ervoor te
zorgen dat de situatie, waarin het kind opgroeit, zo snel mogelijk verbetert. Het kind en de
ouders krijgen begeleiding van een gezinsvoogdij-instelling (dit is niet hetzelfde als een voogdijinstelling).

De gezinsvoogd is een maatschappelijk werker die de ouders en het kind ondersteunt, bijvoorbeeld met praktische zaken zoals het zoeken naar een school. Bij belangrijke beslissingen over het kind moet de gezinsvoogd worden ingeschakeld. De gezinsvoogd kan met de ouders en het kind afspreken wat ze moeten doen (zogeheten aanwijzingen). Hier dienen ze zich aan te houden.

 Informatieverstrekking

Informatieverstrekking in het algemeen
Iemand die gezag uitoefent, heeft recht op alle informatie over het betreffende kind. Een ouder
die geen gezag uitoefent, maar wel een band heeft met het kind, heeft eveneens recht op
informatie over het betreffende kind. De gezaghebbende ouder hoeft daartoe geen
toestemming te geven. De ouder die niet het gezag over het kind heeft, heeft echter niet
hetzelfde recht op informatie zoals de gezaghebbende ouder dat heeft.
De ouder, die het gezag heeft over het kind, moet de niet-verzorgende ouder op de hoogte
houden van belangrijke zaken die met het kind te maken hebben. Hierbij valt bijvoorbeeld te
denken aan de gezondheid van het kind of de voortgang van onderzoek/behandeling.
Bovendien moet de ouder, die het gezag heeft, de niet-verzorgende ouder raadplegen bij belangrijke beslissingen die het kind aangaan (recht van consultatie). De ouder die het gezag heeft, is uiteindelijk wel degene die beslist.
Een niet-ouder heeft geen recht op informatie.
De rechter kan op verzoek van een ouder een informatieregeling vaststellen. In een dergelijke
regeling wordt vastgelegd hoe vaak bepaalde informatie wordt gegeven en op welke manier.

Er zijn mensen die door hun beroep beschikken over belangrijke informatie over het kind.
Hierbij valt te denken aan leerkrachten of hulpverleners (zoals artsen of pedagogen). Zij zijn
verplicht om informatie te geven aan de niet-verzorgende ouder, als deze daarom vraagt. Het
moet echter een concrete vraag betreffen en het moet gaan om belangrijke feiten en
omstandigheden. De informatie moet bovendien betrekking hebben op de persoon van het kind
of diens verzorging of opvoeding. De niet-verzorgende ouder kan bijvoorbeeld bij de
Trivers informeren naar de voortgang van het kind. Het kan dan redelijk zijn dat de
Trivers deze ouder ook uitnodigt voor een gesprek.
Er zijn uitzonderingen op deze plicht van informatieverstrekking. Zo hoeft iemand geen
informatie te geven als hij in verband met een beroepsgeheim de informatie ook niet aan de
andere ouder zou geven of als het geven van de informatie in strijd is met de belangen van het
kind (bijvoorbeeld in het geval er tussen ouder en kind een omgangsregeling is afgewezen).

Informatieverstrekking vanuit Trivers
De niet met het gezag belaste ouder heeft dus beperkter recht op informatie dan de met het
gezag belaste ouder. Vanuit Trivers verstrekken wij daarom niet zomaar informatie over
belangrijke feiten en omstandigheden, die betrekking heeft op de persoon van het kind of diens
verzorging of opvoeding, aan de niet met het gezag belaste ouder, als deze ouder daarom
vraagt. De ouder kan bijvoorbeeld vragen naar kopieën van onderzoeksverslagen, en dergelijke.
Wij hebben een zorgvuldigheidsplicht.
De belangen van de betrokkenen betrekken we daarom in een concrete afweging. De privacy
van de gezagsouder en dat van het kind willen wij niet schenden. Bij onduidelijkheid vragen wij
allereerst bij de betrokken ouder(s) na hoe het ouderlijk gezag en de omgang is geregeld. Het
verzoek wordt, indien nodig, getoetst aan het Burgerlijk Wetboek (BW). Eventueel raadplegen
wij het gezagsregister.

Onderstaand staat weergegeven in welke situaties wij vanuit De Krabbenkooi aan ouders alle
informatie, beperkte of geen enkele informatie verstrekken.

A: Beide ouders belast met het gezag
Ouders die beide het gezag over hun kinderen hebben en die gehuwd zijn, hun partnerschap
hebben laten registreren of samenwonen, ontvangen steeds gezamenlijk alle informatie over
hun kind.

Ouders die beide het gezag over hun kinderen hebben, maar gescheiden zijn, ontvangen
afzonderlijk van elkaar alle informatie, mits beide postadressen bij Trivers bekend zijn. Indien
een ouder dit anders wil, kan hij/zij contact opnemen met de leerkracht. Vervolgens bevestigen
wij schriftelijk de gemaakte afspraak aan beide ouders. Wij nemen hiervan een kopie op in het
dossier van het kind.
Een stel dat heeft samengewoond en nu uit elkaar is, ontvangt eveneens afzonderlijk van elkaar
alle informatie (als beide postadressen bij Trivers
bekend zijn), mits het kind erkend is en
ingeschreven staat in het gezagsregister. Indien één van beide partners dit anders wil, kan
hij/zij contact opnemen met de teamleider. Vervolgens bevestigen wij schriftelijk de gemaakte
afspraak aan beide ouders. Wij nemen hiervan een kopie op in het dossier van het kind.
Een ouder die geen gezag heeft, heeft op verzoek recht op beperkte informatie, te weten
belangrijke feiten en omstandigheden die het kind of diens verzorging en/of opvoeding
betreffen, zoals informatie over de vorderingen van de behandeling (artikel 1:377c BW).

B: Eén van de ouders belast met het ouderlijk gezag
De ouder die het gezag over het kind heeft, krijgt alle informatie toegezonden. Deze ouder is
verplicht om de andere ouder (niet belast met het ouderlijk gezag) te informeren over
belangrijke aangelegenheden.

De ouder die niet met het gezag belast is, heeft op verzoek recht op informatie, te
weten belangrijke feiten en omstandigheden die het kind of diens verzorging en/of opvoeding
betreffen, zoals informatie over onderzoek en of behandeling bij Trivers (artikel 1:377c BW).

C: Voogd
De voogd van een kind heeft recht op alle informatie.
De ouders die beide uit de ouderlijke macht zijn gezet (waarvan het kind dus onder voogdij is
geplaatst) hebben op verzoek recht op beperkte informatie, te weten belangrijke feiten en
omstandigheden die het kind of diens verzorging en/of opvoeding betreffen, zoals informatie over onderzoek en of behandeling bij Trivers (artikel 1:377c BW).

D: Gezinsvoogd
De gezinsvoogd, die betrokken is bij een gezin, heeft niet zomaar recht op alle informatie. De
gezinsvoogd moet bij ouders nagaan of hij toestemming krijgt om rechtstreeks door Trivers
geïnformeerd te worden. De gezinsvoogd kan daarvoor aan ouders schriftelijke aanwijzingen
geven om hem die informatie door te spelen.
Als het in het belang van het kind is, mag de gezinsvoogd beargumenteerd rechtstreeks met de
Trivers contact leggen. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als er sprake is van
kindermishandeling of volstrekte obstructie van ouders die nergens aan meewerken. Trivers
koppelt dit dan eventueel terug met ouders. Hierbij houden wij rekening met de belangen van
het kind en de privacy van alle betrokkenen.

E: Andere betrokkenen
Wij verschaffen geen informatie aan niet-ouders (zoals een partner van de ouder of andere
betrokkenen bij het kind), mits Trivers een schriftelijke verklaring heeft ontvangen waarin
vermeld staat dat ouders hiermee instemmen. In dat geval verstrekken wij niet zomaar alle
informatie, maar maken een concrete, beargumenteerde afweging. Bij twijfel bevragen wij de
ouders of de betreffende informatie verstrekt mag worden.

3.3 Uitzonderingen op de informatieplicht vanuit Trivers

Er zijn uitzonderingen op de plicht van informatieverstrekking vanuit Trivers omdat we de
belangen van de betrokkenen in een concrete afweging betrekken. In de volgende gevallen
verstrekken wij geen informatie aan de ouder die (geen) gezag heeft:

• Wij verschaffen geen informatie die wij ook niet aan de gezaghebbende ouder zouden
verschaffen

• Wij verschaffen geen informatie als het geven van deze informatie in strijd is met de
belangen van het kind (bijvoorbeeld in het geval er tussen ouder en kind een
omgangsregeling is afgewezen of als een rechter of psycholoog heeft geoordeeld dat
het geven van informatie aan een ouder het kind zal schaden)

• Wij verschaffen geen informatie die mogelijk gebruikt kan worden om voordeel ten koste
van de andere ouder te behalen

• Wij verschaffen geen informatie als hiermee de privacy van een derde in het geding is

• Wij verschaffen geen informatie als deze geen relevantie heeft in de professionele
relatie met het kind

• Wij verschaffen geen informatie aan ouders als er sprake is van een geheime plaatsing
De beslissing om een betrokkene niet te informeren, is in alle opzichten een zeer zorgvuldige
beslissing. Het beslistraject leggen wij vast in het dossier van het betreffende kind, zodat wij
gedocumenteerd verweer kunnen voeren in het geval wij ter verantwoording zouden worden
geroepen.

Op de volgende pagina staat het formulier, dat door beide ouders dient te worden ingevuld in geval van een scheiding.
Op dit formulier is tevens juridische informatie voor de ouders te vinden.

PROTOCOL “INFORMATIEVERSTREKKING GESCHEIDEN OUDERS”
Inleiding

Trivers vindt dat de zorg voor uw kind voorop moet staan. Daarbij is het van wezenlijk belang dat het uitwisselen van informatie zorgvuldig gebeurt. Wij trachten alle ouders zo goed mogelijk op de hoogte te houden over alles wat er bij Trivers gebeurt. Daarbij hanteren wij vanzelfsprekend de wetgeving als uitgangspunt. In dit protocol worden de onderdelen uit de wetgeving, die van toepassing zijn, weergegeven.
Duidelijkheid en openheid is belangrijk voor alle betrokkenen. Daarom vragen wij u dit protocol goed door te nemen en door beide ouders ondertekend bij Trivers in te leveren.

Trivers informeert maar de ouders zijn verantwoordelijk

Beide ouders hebben het samen geregeld
Wetgeving
Trivers dient uiteraard een veilig klimaat voor de kinderen te zijn en moet zich daarom afzijdig houden van een conflict tussen de ouders. Trivers moet zich neutraal opstellen door beide ouders gelijkwaardig te voorzien van informatie. Door één van de ouders geen informatie te geven, geeft Trivers haar neutrale positie op en kiest zij (wellicht onbewust) toch partij in het conflict.

De met het gezag belaste ouder informeert en overlegt met de niet met het gezag belaste ouder. De met het gezag belaste ouder (waaraan de kinderen zijn toegewezen) ontvangt alle informatie, uitnodigingen e.d. Deze ouder zorgt voor het doorspelen van informatie aan de andere ouder. Dit gebeurt soms ook door tussenkomst van een derde partij. De ouders komen eventueel samen op ouderavonden, oudergesprekken en andere activiteiten.

Beide ouders houden contact met elkaar als het over de opvoeding en het onderwijs van hun kind(eren) gaat.

Beide ouders willen het anders regelen
Wetgeving
In geval van een conflict tussen beide ouders verstrekt Trivers alle informatie aan de met het gezag belaste ouder, maar is Trivers desgevraagd ook verplicht dezelfde informatie aan de ouder die niet belast is met het ouderlijk gezag te verstrekken.
De met het gezag belaste ouder ontvangt alle informatie van Trivers en met deze ouder regelt de Trivers alle zaken, die betrekking hebben op het onderzoek/behandeling
De andere ouder wordt desgewenst door de Trivers geïnformeerd. Het initiatief om aan de informatie te komen ligt bij de ouder zelf.

Wanneer de niet-gezaghebbende ouder een oudergesprek aanvraagt wordt de gezaghebbende ouder hiervan door de Trivers op de hoogte gesteld.
Het onderstaande wetsartikel maakt twee uitzonderingen op deze verplichting.

Wetsartikel 1:377c van het Burgerlijk Wetboek
1. Trivers hoeft de in informatie niet te verstrekken als ze die (op dezelfde wijze wijze) aan de ouder met het
ouderlijk gezag zou geven.
2. Trivers hoeft de informatie ook niet te geven als het belang van het kind zich daar tegen verzet

Ook alle gesprekken worden gehouden met de met het gezag belaste ouder. Met deze ouder worden tevens afspraken gemaakt het onderzoek of de behandeling. Ook hier wordt verwacht dat deze ouder de informatie doorspeelt aan de andere ouder; al dan niet via een tussenpersoon.

Contact opnemen

Hoe wij omgaan met je persoonsgegevens kun je lezen in ons Privacy beleid